Bladluizen in appelboomgaarden
Bladluizen behoren tot de meest voorkomende plagen in appelboomgaarden en kunnen aanzienlijke schade toebrengen aan jonge scheuten, bladeren, bloesems en zich ontwikkelende vruchten. Soorten zoals de groene appelbladluis (Aphis pomi), de roze appelbladluis (Dysaphis plantaginea), de wollige appelbladluis (Eriosoma lanigerum), de zwarte bonenbladluis (Aphis fabae), de groene perzikluis (Myzus persicae), katoenbladluis (Aphis gossypii) en aardappeltopluis (Macrosiphum euphorbiae) voeden zich met plantensap, waardoor de groeikracht van de boom afneemt en de vruchtkwaliteit wordt aangetast.
Schadesymptomen van bladluizen bij appels
- Gekrulde en vervormde bladeren
- Achterblijvende groei van de scheuten
- Verminderde groeikracht van de boom
- Honingdauwafzettingen op bladeren en vruchten
- Ontwikkeling van roetachtige schimmel
- Misvormde vruchten, met name als gevolg van een besmetting met de roze appelbladluis
- Verminderde vruchtkwaliteit en verkoopbaarheid
Biologische bestrijding van appelbladluizen
Biologische bestrijding speelt een belangrijke rol in programma's voor geïntegreerde gewasbescherming (IGB) in appelboomgaarden. Natuurlijke vijanden zoals sluipwespen, gaasvliegen, zweefvliegen, roofwantsen en lieveheersbeestjes helpen de bladluispopulaties gedurende het hele groeiseizoen onder controle te houden. Door biologische bestrijding te combineren met monitoring en preventieve maatregelen kunnen telers de plaagdruk verminderen en tegelijkertijd een evenwichtig ecosysteem in de boomgaard ondersteunen.

